29 oktober 2010
De meesten van jullie zullen wel begrijpen dat ik hiermee de reservespeler bedoel die zittend op de bank, tegenwoordig vaak op comfortabele stoelen, de wedstrijd zal moeten volgen. Weten jullie dat dit een heel moeilijke positie in het team is? Want zonder deze spelers kunnen wij niet. Zeker niet in de topsport. Die speler maakt de gehele voorbereiding mee, denkt of hoopt te kunnen spelen en hoort dan dat hij reserve is. Moet je voorstellen wat voor een mentale dreun zo’n mededeling geeft. Tel daarbij de we
Er spelen in zulke gevallen zoveel factoren mee. In weer en wind zit je op die bank zit en dan krijg je de opdracht krijgt om warm te lopen, of soms er zelfs direct in te moeten. Het is een niet te onderschatten opgave. Ook heb je vaak te maken met een trainer die tijdens de wedstrijd af zit te geven op het team of op een speler. Dan wordt er toch van zo’n jongen verwacht dat hij, na dat allemaal aangehoord te hebben, optimaal gemotiveerd en vol strijdlust het speelveld in te stappen.Meestal zijn het jonge spelers die op de bank zitten, maar vaak ook oudere en dus gepasseerde spelers. Zo’n jonge knul gaat vaak zo hypernerveus het veld in dat er geen goed resultaat uitkomt, waardoor uiteindelijk al het zelfvertrouwen wegvalt. Hier schuilt een duidelijke taak voor de begeleiding. Bij een oudere gepasseerde speler spelen er andere dingen. Emoties en onvrede over het feit dat hij reserve zit, waardoor je te maken hebt met een gefrusteerde speler die niet optimaal functioneert en daardoor eigenlijk niet in het team past op dat moment. Sterk zijn degenen die de frustratie om kunnen zetten in motivatie en op het moment dat hij in moet vallen, de vlam in de pan gooit en een prima wissel is.Natuurlijk zijn er uitzonderingen, zoals spelers die je te allen tijde in kunt zetten en die altijd direct inzet en werklust ten toon spreiden. Dat is natuurlijk de ideale reserve. Maar voor een trainer is het al moeilijk genoeg om de elf beste spelers op het veld te zetten, laat staan de juiste wissel toe te passen. Hij loopt daarbij het risico dat hij zowel de publieke opinie als de pers over zich heen krijgt. Om maar niet te spreken van de gewisselde speler met aanhang, die hun onvrede ten opzichte van de trainer opzichtig zullen uiten, waardoor je mogelijk onrust in de kleedkamer krijgt. Ga er maar aanstaan.Ook hier weer,You’ll Never Walk Alone.Gerard Meijer